Maand: februari 2026 (Pagina 2 van 3)

Jacqueline Fontyn

Weergaven: 0

Jacqueline Fontyn werd geboren in Antwerpen op 27 december 1930.

Haar ouders herkenden haar vroege muzikale talent en vertrouwden haar, kort na haar vijfde verjaardag, toe aan de Russische pedagoog Ignace Bolotine. Hij gaf haar dagelijks pianoles, moedigde haar liefde voor improvisatie aan en ze bewaarde er prachtige herinneringen aan.

Op veertienjarige leeftijd besloot ze componiste te worden. Na muziektheorie te hebben gestudeerd bij Marcel Quinet, vertrok ze naar Parijs, waar Max Deutsch haar introduceerde in de wereld van Schönberg en haar inwijdde in de twaalftoonstechniek, een taal die ze tot 1979 zou gebruiken – maar altijd op een flexibele en zeer vrije manier.

In 1956 volgde ze ook de dirigeerlessen van Hans Swarowsky aan de Academie voor Muziek en Podiumkunsten in Wenen.

Vanaf 1963 doceerde ze muziektheorie aan het Koninklijk Conservatorium van Antwerpen. In 1970 werd ze benoemd tot hoogleraar compositie aan het Koninklijk Conservatorium van Brussel, een positie die ze tot 1990 bekleedde. Daarnaast accepteerde ze talloze uitnodigingen van universiteiten en conservatoria, met name in Europa (Duitsland, Frankrijk, Hongarije, Nederland, Polen, Zwitserland), de Verenigde Staten (van New York tot San Francisco), het Midden-Oosten, Azië (China, Korea, Singapore, Taiwan) en Nieuw-Zeeland. Haar oeuvre omvat meer dan 100 werken: orkest-, vocale, instrumentale en kamermuziek, die wereldwijd worden uitgevoerd en op het programma staan ​​van prestigieuze orkesten en festivals.

Tot de vele onderscheidingen die haar ten deel vielen, behoren de Oscar Espla-prijs in Spanje en de Arthur Honegger-prijs van de Fondation de France, de opdracht voor het vioolconcert dat vereist was voor de finale van de Internationale Koningin Elisabethwedstrijd in 1976, en twee opdrachten van de Koussevitzky Foundation van de Library of Congress in Washington.

Jacqueline Fontyn, lid van de Koninklijke Academie van Wetenschappen, Letteren en Schone Kunsten van België, ontving in 1993 de titel barones van de koning als erkenning voor haar artistieke verdiensten.

Een voorliefde voor rijke harmonische texturen, een soepel ritme en een voortdurend vernieuwende interesse in het verkennen van instrumentale mogelijkheden vormen samen een steeds evoluerende muzikale taal, waarvan de expressieve en poëtische dimensies de gevoeligheid en nieuwsgierigheid van de luisteraar aanspreken.

Boudewijn Buckinx

Weergaven: 0

In 1945 werd Boudewijn Buckinx geboren in Lommel. Hij studeerde aan het Koninklijk Vlaams Conservatorium van Antwerpen en aan het IPEM in Gent. Compositie volgde hij bij Lucien Goethals. In 1968 volgde hij les bij Karlheinz Stockhausen aan de Kompositionstudio in Darmstadt. Hij werkte hier mee aan het project “Musik für ein Haus.” Buckinx was zeer sterk onder de indruk van Mauricio Kagel en John Cage. In 1972 schreef hij zijn eindverhandeling musicologie aan de K.U.Leuven over de Variations van Cage.

Van 1966 tot 1974 gaf Buckinx concerten met de werkgroep WHAM (Werkgroep voor Hedendaagse en Actuele Muziek). De bedoeling van WHAM was specialisten aan te trekken uit andere disciplines zoals bijvoorbeeld filosofen en schilders. Ook amateurs die in het muziekproces betrokken waren, kwamen in WHAM aan bod. Naast Cage had de werkgroep WHAM ook aandacht voor componisten zoals Christian Wolff en Cornelius Cardew. Het laatste concert van de werkgroep vond plaats in 1974 met Buckinx’ compositie Sinfonia a quattro velocipedi. Hierna volgde een periode van vijf jaar waarin Buckinx wel componeerde maar waarin geen enkel werk uitgevoerd werd.

In 1988 was Buckinx de Belgische gast op de tweede “Week van de hedendaagse muziek” in Gent. In juni 1991 werd een concert als componistenportret in Kiel (Duitsland) gegeven. Gelijkaardige Buckinx-concerten vonden ook plaats in de Espace Delvaux in Brussel en de Club Mineral in Gent. In 1988 werd zijn reeks 1001 Sonates integraal uitgevoerd in Darmstadt. Voor “Antwerpen ’93, culturele hoofdstad van Europa” werden Buckinx’ Negen onvoltooide symfonieën gecreëerd door het Koninklijk Filharmonisch Orkest van Vlaanderen. In 1993 werd een 9-daags Buckinx festival gehouden in De Rode Pomp in Gent. De muziek van Buckinx werd verder nog uitgevoerd op de Tampere Biennale in Finland en het North American New Music Festival in Buffalo. In 1998 werd hij samen met de componisten Gerard Ammerlaan en Jacob ter Veldhuis betrokken bij het operaproject Van alle tijden – van alle streken. In 2002 werd zijn vijfde opera Dhammapada uitgevoerd in De Rode Pomp in Gent. Tussen 2010 en 2012 werden een aantal werken van Buckinx gecreëerd tijdens het Voorwaarts Maart Festival in De Bijloke.

Van 1968 tot 1978 was Buckinx leraar aan het Provinciaal Hoger Instituut voor Kunstonderwijs in Hasselt. In 1978 werd hij producer aan de BRTN, wat hij bleef tot maart 2000. Vanaf 1981 gaf hij muziekgeschiedenis aan het Koninklijk Vlaams Conservatorium van Antwerpen. In 1991-92 verving hij tijdelijk Frederik Rzewski als compositieleraar aan het Conservatorium van Luik.

Patrick Dheur

Weergaven: 0

Patrick Dheur is een van de beroemdste Belgische pianisten ter wereld. Hij ontwikkelt voortdurend zijn creativiteit in alle mogelijke aspecten van het muziekgebeuren.

Zijn loopbaan als concertpianist begon reeds bij het afsluiten van zijn studie aan het Koninklijk Conservatorium van Luik, zijn geboortestad. Hij heeft talloze internationale wedstrijden en prijzen gewonnen, waaronder de eerste prijs in de Szymanowski-wedstrijd.

De Verenigde Staten nemen bij deze activiteiten reeds zeer vroeg een prominente plaats in. Hij werd geselecteerd door Leon Fleisher aan het Peabody Conservatory in Baltimore, verbleef er meerdere malen en gaf in de States vele concerten, waaronder een opmerkelijk debuutrecital in het Lincoln Center in New York.

Als bekend internationaal solist werkte hij samen met vele orkesten waaronder: het Scottish Chamber Orchestra, de Moscow Soloists met Yuri Bashmet, het Nationaal Orkest van België, de Filharmonische Orkesten van Luik, Grenoble, Hong Kong, Jeruzalem, Caracas, Springfield Symphony, Norfolk Symphony, Orchestra G. Enescu (Boekarest), Wiener Sinfonietta, Camerata van Lausanne met Pierre Amoyal, het Koninklijk Kamerorkest van Wallonië, enz. enz.

Tegelijkertijd groeit zijn discografie en bevat zijn catalogus meer dan twintig cd’s.
Hij wordt regelmatig uitgenodigd als jurylid bij grote internationale wedstrijden. Hij is verantwoordelijk voor het Grétry-museum in Luik.

Patrick Dheur staat bekend om zijn inzet voor de Luikse muziekcultuur. De complete pianomuziek van César Franck (3 cd’s) is een goed voorbeeld. We kunnen ook zijn roeping vermelden om de meesterwerken van Luikse componisten voor het voetlicht te brengen. Door de Franse Gemeenschap van België (Fédération Wallonie-Bruxelles) werd hij aangesteld als projectmanager voor de herdenking van de tweehonderdste verjaardag van de dood van de componist André Modeste Grétry, en ontdekte hij het ongepubliceerde
originele manuscript van de nog niet creëerde opera “De officier van Fortuna” daterend uit

Hij is nu bezig met de bewerking ervan en met de voorbereidingen van een eerste
uitvoering door de Koninklijke Opera van Luik.

Patrick Dheur is ook een getalenteerde, veelvuldig uitgegeven componist en auteur. Zijn productie als componist omvat dertig opusnummers: (symfonisch oeuvre, werken voor piano, kamermuziek, concerto’s, cantates, kunstliederen, …). Patrick Dheur’s literaire werk “Music at your fingertips”, uitgegeven door Luc Pire, is onlangs vertaald in het Chinees, ter ondersteuning van zijn Aziatische tours.
In 2016 brachten zijn concertactiviteiten hem ondermeer naar Italië, Noorwegen, Frankrijk en de Verenigde Staten voor een keystone-tour en een concert in Carnegie Hall in New York op 16 november

Marc-Henri Cykiert

Weergaven: 0

Né à Liège en 1957, Marc-Henri Cykiert a commencé à jouer la guitare à treize ans, a étudié la musique électronique au Centre de Recherches Musicales de Wallonie avec Frederic Nyst et la musique brésilienne avec José Barrense-Dias.

En 1979, il suit les cours du GIT (Guitar Institute of Technology) à Los Angeles.
De 1980 à 1986, de retour en Belgique, il étudie la composition et l’orchestration avec le compositeur américain Frederic Rzewski et Philippe Boesmans au Conservatoire de Liège.

Il a écrit pour plusieurs musiciens et ensembles, notamment: Michael Guttman, Frederic Rzewski, Suzanna Klintcharova, Steve Houben & Strings, Arriaga String Quartet, Costas Cotsiolis, José Barrense-Dias, Cecile Broche, Luc Tooten, Weber Iago, Camerata Romeu String Orchestra, Katerina Verbovskaya, Bobby Mitchell.

Avec Frederic Rzewski et Michaël Guttman, il a enregistré un CD de ses compositions pour violon et piano ‘Capriccio Hassidico’. Deux autres CD pour piano solo : ‘2 for Peace’ avec Weber Iago, et ‘Katerina Verbovskaya plays Marc-Henri Cykiert’.

Ses compositions ont été jouées en Belgique, France, Hollande, Allemagne, Danemark, U.S.A., Cuba et Chine.

Il parle ici de sa composition “A Marc CHAGALL

J’ai écrit cette composition peu de temps après la mort du peintre, en 1985, à la mémoire de Marc CHAGALL, que j’aimais beaucoup. J’ai toujours admiré les artistes, les poètes et les philosophes qui arrivent à exprimer des émotions, des idées, des concepts complexes en utilisant un langage simple, à la portée de tous.

Comme Chagall avec ses personnages nostalgiques et colorés qui semblent flotter dans l’espace, j’ai créé un ensemble de petites scènes mélodiques, tonales mais sans la grammaire de la tonalité, issues d’un folklore imaginaire, avec une influence de la musique juive et russe. C’est la couleur du fond qui lie le tout , dans une spirale étiolée de souvenirs de personnages fantastiques et de vécu, avec en filigrane son poème:

« Seul est le mien le pays qui se trouve dans mon âme. J’y entre sans passeport ».

David Baltuch

Weergaven: 0

Grieks-Latijnse humaniora’s en studies in de Muziekacademie te Jette leiden David Baltuch naar het Koninklijk Muziekconservatorium te Brussel waar hij het Finale Certificaat behaalt voor analyse, lezen en transpositie, muziekgeschiedenis en orkestratie, de Eerste Prijzen notenleer, piano, kamermuziek, harmonie, contrapunt, fuga en orkestbegeleiding met daarop de Hogere Diploma’s notenleer en kamermuziek.

Hij bekwaamt zich bij Meester Eduardo del Pueyo voor piano en bij Marcel Quinet voor muzikaal schriftuur.

Na verscheidene scholingen in begeleiding wordt David Baltuch als Kunst Directeur en Dirigent uitgenodigd voor meerdere orkeststages (Eastbourne (Engeland), Farciennes, Fléron, Marchin en Namen (België), Sint-Petersburg (Rusland)). Hij heeft tevens verschillende internationale stages gevolgd (Benjamin Zander (Engeland) en Dominique Rouits (Frankrijk)).

David Baltuch heeft de lessen gevolgd – en het diploma behaald – van koorbegeleiding met Peter Broadbent (Engeland) en orkestbegeleiding met Dominique Rouits aan “l’Ecole Normale de Paris”.

Naast optreden in concerten en recitals in België, Luxemburg, Spanje, de Verenigde Staten, Frankrijk, Israël, Palma van Majorka, Roemenië, Rusland, het Verenigd Koninkrijk en Zwitserland, naast deelnames in opnames van meerdere cd’s, werd David Baltuch eveneens auteur zowel van verschillende transcripties als van vocale, instrumentale en orkestrale stukken.

In 2003 heeft David Baltuch, aan het hoofd van het “Black Sea Philharmonic”, een dubbele cd tewerkgesteld met de Amerikaanse pianist James Raphael. Deze cd werd geselecteerd en uitgezonden op Radio Vaticaan.

Tenslotte is David Baltuch Kunstdirecteur van het koor “La Vallée”, het kinderkoor “La Petite Vallée”, het symphonisch orkest “La Domenica” en kunst co-directeur van het “Orchestre à Cordes” te Nijvel.

Sarah Wéry

Weergaven: 0

Sarah Wéry begon muziek te benaderen via de cello en improvisatie. Op 18-jarige leeftijd ging ze naar Duitsland om de componist Hubert Bergmann een paar maanden te volgen, en nam toen de beslissing om zich volledig aan de muziek te wijden.

Daarna studeerde ze in Luik, in de compositieklas van Michel Fourgon, waar ze haar eigen muzikale taal begon te ontwikkelen door middel van deze vragen: hoe de meest heterogene elementen mogelijk samen te brengen of hoe te exploderen met behoud van vloeibaarheid en de luisteraar rechtstreeks aan te spreken. Daarna begint ze de dodecafonische reeks te gebruiken als macro- en microstructuur.

Johan Sluys

Weergaven: 3

Johan Sluys behaalde een Licentie in de klassieke filologie aan de KULeuven, een
Eerste Prijs piano en kamermuziek en een meestergraad in de schriftuur aan het
KMCBrussel en een master in compositie aan het CRMons (Cl. Ledoux).
Met zijn werken won hij de prijs voor compositie van de Provincie Vlaams-Brabant
(2002) en de driejaarlijkse wedstrijd voor compositie “Jef Van Hoof” (2016).

Raoul de Smet

Weergaven: 0

Raoul De Smet werd geboren op 27 oktober 1936 in Borgerhout.

Hij studeerde Romaanse filologie en muziekgeschiedenis aan de Katholieke Universiteit te Leuven. Hierna volgde hij een specialisatiejaar als beursstudent in Madrid en Salamanca. Vier jaar was hij werkzaam in Tunesië als lesgever; hij doceerde tot 1996 Spaans aan de Katholieke Vlaamse Hogeschool te Antwerpen.

Zijn muzikale basisopleiding (solfège, harmonie, piano) genoot hij aan de
Muziekacademie van Deurne. Afgezien van deze opleiding was hij als musicus autodidact, tot hij vanaf 1966 compositie ging studeren bij Lucien Goethals en Louis De Meester aan het IPEM te Gent, bij August Verbesselt te Antwerpen en bij Ton de Leeuw te Amsterdam.


Door zelfstudie van theoretische werken (Schönberg, Krenek, Koechlin, Messiaen, e.a.) en van partituren, en door het beluisteren van allerlei genres heeft hij een persoonlijke taal ontwikkeld.


In 1972 nam De Smet deel aan de Ferienkurse für Neue Musik te Darmstadt, waar twee van zijn werken werden uitgevoerd. Hij woonde tevens de Gaudeamus-dagen bij in Bilthoven.

In 1976 nam hij deel aan het American Seminar te Salzburg over Contemporary American Music.

In 1977 vertegenwoordigde hij het IPEM op het Colloquium Musica/Sintesi in het
kader van de Biënnale van Venetië.


Van 1974 tot 1994 organiseerde Raoul De Smet te Antwerpen de Orphische Avonden, concerten voor eigentijdse (vooral Vlaamse) kamermuziek te Antwerpen.

Tussen 1980 en 1984 was hij lid van de Raad van Bestuur van het Centrum voor Muziek te Leuven.

Tussen 1983 en 1993 programmeerde De Smet concerten van eigentijdse kamermuziek in de Foyer van de Stadsschouwburg (Antwerpen).

In 1976, 1985 en 1990 organiseerde hij Elektronische Muziekdagen in het ICC en deSingel.

In 1981 startte hij de E.M.-reeks, een uitgave in facsimile van kamermuziek van Vlaamse componisten.

In 1987 stichtte hij de OrpheusPrijs, een Tweejaarlijks Internationaal Concours voor de interpretatie van eigentijdse kamermuziek.

Sinds 1999 organiseert hij het “Belgian Chocolates” festival.

Pieter Schuermans

Weergaven: 0

Componist Pieter Schuermans leerde het métier bij Luc Van Hove bij wie hij in 1995 een eerste prijs compositie behaalde aan het Lemmensinstituut.

Hij schreef talloze composities voor de meest uiteenlopende bezettingen, vaak in opdracht van vrienden musici of ensembles. In de zomer van 1998 werd hij wereldwijd geselecteerd voor de vermaarde cursus van Creative Dance Artists Trust in Wakefield in Groot-Brittannië, een cursus waarin het interactief samenwerken tussen acht choreografen en acht componisten tot het uiterste gedreven wordt.

Met zijn werk “Per Flauto e Chitarra” won hij in 2000 de Prijs van de Provincie VlaamsBrabant.
Pieter Schuermans behaalde ook eerste prijzen dwarsfluit, contrabas en kamermuziek aan het Lemmensinstituut. Van 2000 tot 2003 was hij als contrabassist vast verbonden aan het Collegium Instrumentale Brugense.
Als fluitist musiceert hij voornamelijk in kamermuziek-verband.

Hij is docent schriftuur aan het Lemmensinstituut alsook leraar dwarsfluit, contrabas en instrumentaal ensemble aan de muziekacademie van Tessenderlo.
Reeds lang verdiept hij zich in de interactie tussen muziek en beweging. Dit resulteerde o.a. in het werk “Compositie voor Blokfluitenkwartet, Percussie en Jongleur” dat hij samen met zijn broer en jongleur, Toon Schuermans, maakte. De broers ontvingen hiervoor de Tech-Art prijs 2001.

In de schoot van het Orpheus Instituut maakte hij een scriptie over artistieke interactie en de eindvoorstelling “Looking Through Eardrums”. Deze voorstelling, die in nauw samenwerkingsverband tot stand kwam met France Perpête, dans en choregrafie, met opnieuw zijn broer en hemzelf, toerde door België en was te zien op de buitenlandse podia.

Pieter Schuermans richtte hiervoor zijn eigen ensemble op: eaRis company.

Wilfried Westerlinck

Weergaven: 0

Wilfried Westerlinck werd geboren te Leuven op 3 oktober 1945.

Aan het conservatorium van Brussel studeerde hij hobo en harmonie bij respectievelijk Louis van Deyck en Victor Legley. Dit werd aangevuld met opleidingen orkestdirectie (Daniël Sternefeld), muziekanalyse en vormleer (August Verbesselt) aan het Koninklijk Vlaams Muziekconservatorium in Antwerpen.

Van 1970 tot 1983 bleef hij aan deze instelling verbonden als docent muziekanalyse. In Monte Carlo volgde Westerlinck nog een cursus
orkestdirectie bij Igor Markevitsj.

Sedert 1968 lag zijn hoofdbezigheid echter bij de VRT, waar hij tot begin 2001 verantwoordelijk was voor de productie en uitzending van kamer- en orkestmuziek. In de jaren ’90 stond hij mede aan de basis van media-evenementen als De Nacht van Radio 3 en Radio 3 in de Stad. Daarnaast is hij bestuurlijk actief binnen diverse organisaties van de Belgische klassieke muziekwereld.

Sommige van zijn composities vielen in de prijzen: Metamorfose (Tenutoprijs, 1972), Landschappen I (prijs van de provincie Antwerpen, 1977). In 1985 ontving Westerlinck de Jef Van Hoof-prijs voor een liedcyclus op teksten van Bertus Aafjes en de Eugène Baie-prijs voor zijn volledige oeuvre.

In 2004 was hij gastleraar compositie aan de muziekacademie van Gdansk.

« Oudere berichten Nieuwere berichten »