Weergaven: 7
Vandaag telt de UBC 52 leden
A
AGSTERIBBE Frank
Frank Agsteribbe werd geboren te Gent in 1968. Aan het Koninklijk Vlaams Conservatorium van Antwerpen studeerde hij vanaf 1986 orgel bij Stanislas Deriemaeker en Joris Verdin, en klavecimbel bij Jos Van Immerseel. Daarnaast vervolmaakte hij zich bij Gustav Leonhardt, Davitt Moroney en Luigi Ferdinando Tagliavini.
Naast zijn intense activiteit binnen de oude muziek als continuospeler interesseert hij zich ook voor hedendaagse muziekliteratuur: hij studeerde bij Herman Sabbe (musicologie, Gent) en aan het Conservatorium van Antwerpen volgde hij bij Boudewijn Buckinx de lessen muziekgeschiedenis over de negentiende en twintigste eeuw, die niet enkel op een historische, maar ook op een sociologische en filosofische wijze benaderd werden. Op aanraden van Buckinx volgt hij tussen 1990 en 1994 compositielessen bij de Amerikaan Frederic Rzewski in Luik. Het is in deze periode dat Agsteribbe resoluut kiest voor een postmoderne schrijfwijze. Vele werken zijn geschreven in opdracht van o.m. Broederlijk Delen, Radio 3, Muziektheater Transparant, Koninklijk Jeugdtheater en het Koninklijk Vlaams Conservatorium van Antwerpen. Hij werd meer actief als dirigent sinds 1994 en dirigeerde zowel barokke cantates als 20ste eeuws repertoire en eigen werk. Agsteribbe studeerde orkestdirectie bij David Angus vanaf 2003 en kreeg een ‘Dartington International Summer School Scholarship’ om deel te nemen aan de masterclass orkestdirectie met Diego Masson in augustus 2004. Als klavecinist/organist treedt hij veelvuldig op met verschillende orkesten en kamermuziekensembles zoals Duo Mosaic, The Wondrous Machine, The Great Charm, Il Fondamento, Huelgas Ensemble, Anima Eterna en La Petite Bande. Hij concerteert in verschillende Europese landen en verleent geregeld zijn medewerking aan radio- en CD-opnames.
Sinds 1989 is Frank Agsteribbe verbonden aan het Conservatorium van Antwerpen waar hij analyse, AML-theorie en kamermuziek doceert. Daarnaast werkt hij als stafmedewerker aan het Orpheus Instituut, alsook als free-lance programmamaker, recensent en opnameleider. Hij is bestuurslid van de Vereniging voor Muziektheorie in Amsterdam sinds de oprichting ervan in 1999, en was van 1999 tot 2003 redacteur van het Tijdschrift voor Muziektheorie, eveneens in Amsterdam. In juni 2002 was hij als deelnemer geselecteerd aan het Mannes Institute for Advanced Studies in Music Theory in New York, en in 2003 en 2004 was hij als artistiek stafmedewerker verantwoordelijk voor de International Orpheus Academy for Music Theory in Gent. (Matrix)
B
BAAS Danielle
![]() |
Belgische van Nederlandse origine.
In 1997 won ze de vierde prijs op het Internationaal Concours voor Compositie in de V.S. alsook een compositiewedstrijd voor beiaard Albany Carillon International competition.
|
BALTUCH David
Grieks-Latijnse humaniora's en studies in de Muziekacademie te Jette leiden David Baltuch naar het Koninklijk Muziekconservatorium te Brussel waar hij het Finale Certificaat behaalt voor analyse, lezen en transpositie, muziekgeschiedenis en orkestratie, de Eerste Prijzen notenleer, piano, kamermuziek, harmonie, contrapunt, fuga en orkestbegeleiding met daarop de Hogere Diploma's notenleer en kamermuziek.
Hij bekwaamt zich bij Meester Eduardo del Pueyo voor piano en bij Marcel Quinet voor muzikaal schriftuur.
Na verscheidene scholingen in begeleiding wordt David Baltuch als Kunst Directeur en Dirigent uitgenodigd voor meerdere orkeststages (Eastbourne (Engeland), Farciennes, Fléron, Marchin en Namen (België), Sint-Petersburg (Rusland)). Hij heeft tevens verschillende internationale stages gevolgd (Benjamin Zander (Engeland) en Dominique Rouits (Frankrijk)).
David Baltuch heeft de lessen gevolgd - en het diploma behaald - van koorbegeleiding met Peter Broadbent (Engeland) en orkestbegeleiding met Dominique Rouits aan "l'Ecole Normale de Paris".
Naast optreden in concerten en recitals in België, Luxemburg, Spanje, de Verenigde Staten, Frankrijk, Israël, Palma van Majorka, Roemenië, Rusland, het Verenigd Koninkrijk en Zwitserland, naast deelnames in opnames van meerdere cd's, werd David Baltuch eveneens auteur zowel van verschillende transcripties als van vocale, instrumentale en orkestrale stukken.
In 2003 heeft David Baltuch, aan het hoofd van het "Black Sea Philharmonic", een dubbele cd tewerkgesteld met de Amerikaanse pianist James Raphael. Deze cd werd geselecteerd en uitgezonden op Radio Vaticaan.
Tenslotte is David Baltuch Kunstdirecteur van het koor "La Vallée", het kinderkoor "La Petite Vallée", het symphonisch orkest "La Domenica" en kunst co-directeur van het "Orchestre à Cordes" te Nijvel.
BÉRO Michel
Michel Béro werd geboren in Mélin (Jodoigne) op 26 april 1950. Aan het Conservatorium van Brussel studeerde hij piano in de klas van André Dumortier (Yvette Allard) (1969-1970). Aan de Université Libre de Bruxelles (1971-1975) behaalde hij een bachelordiploma en een bevoegdheid als docent kunstgeschiedenis en archeologie (musicologie) met zijn scriptie: 'Sigismond Thalberg, Aspecten van pianovirtuositeit in de 19e eeuw' (professor Robert Wangermée). Vervolgens studeerde hij privé muziekcompositie en orkestratie bij Marcel Quinet (1981-1986).
Hij begon in 1973 als productieassistent bij RTBF, werd in 1981 producent en in 1995 hoofdproducent. Tegelijkertijd was hij van 1987 tot 2009 afgevaardigde bij het Internationaal Rostrum van Componisten (UNESCO). Daarnaast doceerde hij muziekgeschiedenis van 1980 tot 1984 aan de Muziekacademie van Brussel en van 1980 tot 1996 aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten van Brussel.
Michel Béro beschouwt zichzelf als een hedendaagse componist in de zin dat hij zich verwant voelt met hedendaagse Belgische componisten. Gefascineerd door de relatie tussen muziek en wiskundige formules, worden zijn werken desondanks niet beheerst door rigide formules.
BLOCKEEL Dirk
- Email adres : dirk.blockeel3@skynet.be
BUCKINX Boudewijn
In 1945 werd Boudewijn Buckinx geboren in Lommel. Hij studeerde aan het Koninklijk Vlaams Conservatorium van Antwerpen en aan het IPEM in Gent. Compositie volgde hij bij Lucien Goethals. In 1968 volgde hij les bij Karlheinz Stockhausen aan de Kompositionstudio in Darmstadt. Hij werkte hier mee aan het project “Musik für ein Haus.” Buckinx was zeer sterk onder de indruk van Mauricio Kagel en John Cage. In 1972 schreef hij zijn eindverhandeling musicologie aan de K.U.Leuven over de Variations van Cage.
Van 1966 tot 1974 gaf Buckinx concerten met de werkgroep WHAM (Werkgroep voor Hedendaagse en Actuele Muziek). De bedoeling van WHAM was specialisten aan te trekken uit andere disciplines zoals bijvoorbeeld filosofen en schilders. Ook amateurs die in het muziekproces betrokken waren, kwamen in WHAM aan bod. Naast Cage had de werkgroep WHAM ook aandacht voor componisten zoals Christian Wolff en Cornelius Cardew. Het laatste concert van de werkgroep vond plaats in 1974 met Buckinx’ compositie Sinfonia a quattro velocipedi. Hierna volgde een periode van vijf jaar waarin Buckinx wel componeerde maar waarin geen enkel werk uitgevoerd werd.
In 1988 was Buckinx de Belgische gast op de tweede “Week van de hedendaagse muziek” in Gent. In juni 1991 werd een concert als componistenportret in Kiel (Duitsland) gegeven. Gelijkaardige Buckinx-concerten vonden ook plaats in de Espace Delvaux in Brussel en de Club Mineral in Gent. In 1988 werd zijn reeks 1001 Sonates integraal uitgevoerd in Darmstadt. Voor “Antwerpen ’93, culturele hoofdstad van Europa” werden Buckinx’ Negen onvoltooide symfonieën gecreëerd door het Koninklijk Filharmonisch Orkest van Vlaanderen. In 1993 werd een 9-daags Buckinx festival gehouden in De Rode Pomp in Gent. De muziek van Buckinx werd verder nog uitgevoerd op de Tampere Biennale in Finland en het North American New Music Festival in Buffalo. In 1998 werd hij samen met de componisten Gerard Ammerlaan en Jacob ter Veldhuis betrokken bij het operaproject Van alle tijden – van alle streken. In 2002 werd zijn vijfde opera Dhammapada uitgevoerd in De Rode Pomp in Gent. Tussen 2010 en 2012 werden een aantal werken van Buckinx gecreëerd tijdens het Voorwaarts Maart Festival in De Bijloke.
Van 1968 tot 1978 was Buckinx leraar aan het Provinciaal Hoger Instituut voor Kunstonderwijs in Hasselt. In 1978 werd hij producer aan de BRTN, wat hij bleef tot maart 2000. Vanaf 1981 gaf hij muziekgeschiedenis aan het Koninklijk Vlaams Conservatorium van Antwerpen. In 1991-92 verving hij tijdelijk Frederik Rzewski als compositieleraar aan het Conservatorium van Luik.
C
CORYN Roland
Kortrijk, 1938; componist, eredocent compositie aan de Hogeschool te Gent, departement Conservatorium en eredirecteur van de SAMW Peter Benoit te Harelbeke. Volgde eerst secundaire muziekstudies aan de SAMW te Harelbeke; daarna studeerde hij verder aan het Koninklijk Muziek Conservatorium te Gent waar hij de instrumentale afdeling beëindigde met een eerste prijs piano, een hoger diploma altviool en kamermuziek; de theoretische afdeling heeft hij afgerond met een eerste prijs compositie. Bij de start van zijn loopbaan was hij hoofdzakelijk actief als pianist en altviolist in diverse kamermuziekensembles zoals Het Vlaams Pianokwartet en Het Belgisch Kamerorkest.
Vanaf 1970 ging hij zich gaandeweg meer toespitsen op de muzikale compositie. Als componist behaalde hij verscheidene onderscheidingen waaronder de Jef Van Hoofprijs(1974), de Tenutoprijs(1974) en de Koopalprijs voor zijn kamermuziekoeuvre in 1989. In 1999 werd hij gelauwerd voor zijn volledige oeuvre met de Visser-Neerlandiaprijs.
Op pedagogisch vlak was hij gedurende 20 jaar werkzaam als leraar piano, viool-altviool en samenspel aan de muziekacademies te Harelbeke en Izegem. Vanaf 1977 was hij achtereenvolgens directeur van het SMC te Oostende en van 1979 tot 1997 aan SAMW te Harelbeke. Aan het Kon. Muziek Conservatorium te Gent was hij docent muzikale compositie en leidde hij als dirigent The New Conservatory Ensemble. Als docent compositie leidde hij componisten op zoals Lucien Posman, Octave Van Geert, Bernard Baert, Willy Soenen, Rudi Tas, Dirk Blockeel en Mieke Van Haute. In 1997 ging hij met pensioen om zich volledig op het componeren toe te leggen. Sedert 1993 is hij werkend lid van Koninklijke Vlaamse Academie van België, afdeling klasse kunsten. In 2019 werd hij ere-lid.
In zijn woonplaats Harelbeke was hij medeorganisator van de Muziekbiënnales, een tweejaarlijks muziekfestival waarin telkens als onderwerp een belangrijke muzikale figuur uit Vlaanderen of België, of een periode uit de Belgische muziekgeschiedenis, wordt belicht. Verder was hij vanaf 2000 tot 2012 medeorganisator, incentive en voorzitter van de Internationale Harmoniecompositiewedstrijd Harelbeke Muziekstad die afgewisseld met de Muziekbiënnales, tweejaarlijks plaatsvond.
CRAENS Alain
Alain Craens koos na het Hoger Secundair Kunstonderwijs voor een opleiding aan het Koninklijk Vlaams Conservatorium Antwerpen, waar hij de Eerste Prijzen Compositie (prijs A. De Vleeshouwer), Notenleer, Harmonie (prijs Paul Gilson), Contrapunt, Fuga, Hobo, Engelse hoorn en Kamermuziek behaalde.
In de periode van 1978 tot 1998 was hij leraar hobo, kamermuziek en harmonie aan het Stedelijk Muziekconservatorium van Leuven, de Rijksacademie van Antwerpen en de Stedelijke Muziekacademie van Antwerpen (afdeling Ekeren), waar hij van 1993 tot 1996 waarnemend directeur was.
Hij doceert muziekschriftuur en arrangement en coördineert de AMV vakken aan het Koninklijk Vlaams Conservatorium van Antwerpen, en oefent er sinds 2001 ook de functie van artistiek directeur uit.
Als uitvoerend musicus was hij hobo-solo van het orkest van de Vlaamse Kameropera en het Vlaams Kamerorkest en gaf hij met verschillende ensembles en orkesten concerten in binnen- en buitenland.
Alain Craens behaalde naar aanleiding van het einddiploma de prijs Paul Gilson voor harmonie en de prijs A. De Vleeshouwer. Diezelfde prijs A. De Vleeshouwer kreeg hij ook in mei 1985 voor zijn compositie ‘Divertimento voor hobo, klarinet en fagot’. Ook ontving hij tweemaal de prijs Cantabile voor pianocompositie in 1989 en 1991.
Alain Craens kreeg verschillende compositieopdrachten en zijn werken werden door gerenommeerde musici en ensembles gecreëerd en uitgevoerd. Heel wat composities staan op CD (o.a. labels Arsis Classics, Phaedra, De Haske,…) of werden opgenomen door de radio
CYKIERT Marc-Henri
Né à Liège en 1957, Marc-Henri Cykiert a commencé à jouer la guitare à treize ans, a étudié la musique électronique au Centre de Recherches Musicales de Wallonie avec Frederic Nyst et la musique brésilienne avec José Barrense-Dias.
En 1979, il suit les cours du GIT (Guitar Institute of Technology) à Los Angeles.
De 1980 à 1986, de retour en Belgique, il étudie la composition et l'orchestration avec le compositeur américain Frederic Rzewski et Philippe Boesmans au Conservatoire de Liège.
Il a écrit pour plusieurs musiciens et ensembles, notamment: Michael Guttman, Frederic Rzewski, Suzanna Klintcharova, Steve Houben & Strings, Arriaga String Quartet, Costas Cotsiolis, José Barrense-Dias, Cecile Broche, Luc Tooten, Weber Iago, Camerata Romeu String Orchestra, Katerina Verbovskaya, Bobby Mitchell.
Avec Frederic Rzewski et Michaël Guttman, il a enregistré un CD de ses compositions pour violon et piano ‘Capriccio Hassidico’. Deux autres CD pour piano solo : '2 for Peace' avec Weber Iago, et 'Katerina Verbovskaya plays Marc-Henri Cykiert'.
Ses compositions ont été jouées en Belgique, France, Hollande, Allemagne, Danemark, U.S.A., Cuba et Chine.
Il parle ici de sa composition "A Marc CHAGALL"
J’ai écrit cette composition peu de temps après la mort du peintre, en 1985, à la mémoire de Marc CHAGALL, que j’aimais beaucoup. J’ai toujours admiré les artistes, les poètes et les philosophes qui arrivent à exprimer des émotions, des idées, des concepts complexes en utilisant un langage simple, à la portée de tous.
Comme Chagall avec ses personnages nostalgiques et colorés qui semblent flotter dans l’espace, j’ai créé un ensemble de petites scènes mélodiques, tonales mais sans la grammaire de la tonalité, issues d’un folklore imaginaire, avec une influence de la musique juive et russe. C’est la couleur du fond qui lie le tout , dans une spirale étiolée de souvenirs de personnages fantastiques et de vécu, avec en filigrane son poème:
« Seul est le mien le pays qui se trouve dans mon âme. J’y entre sans passeport ».
D
DE BAERDEMACKER Kris
Kris De Baerdemacker studeerde compositie aan het Koninklijk Conservatorium van Gent bij Godfried-Willem Raes. Zijn eerste werken componeerde hij voor de player piano waarvoor hij enkele tientallen studies heeft bedacht. Ze werden met succes uitgevoerd op festivals in België, Nederland, Polen, Frankrijk, Litouwen, … door het M&M ensemble van de Logos Foundation.
Later begon hij zich ook toe te leggen op instrumentale muziek en maakte diverse
composities voor solisten en ensembles. Ondermeer het Nadar ensemble, het Spectra ensemble, het Collectief, het Nationaal Orkest van België, het Gents Universitair Orkest, Artis Dulcedo, Kalès Guitar Quartet, en vele anderen speelden zijn werk.
De muziek van Kris De Baerdemacker viel te horen op verscheidene podia als het Internationaal Orgelfestival Gent (2003), De Nieuwe Reeks (2006), Klarafestival Dendermonde (2006), Week van de Hedendaagse muziek Gent (2007, 2008), het Transit Festival (2008).
In 2006 werd hij met zijn eerste orkestwerk 'Blending' geselecteerd voor het Tactus Young Composers' Forum en hij kreeg hiervoor een laureatenprijs toegekend.
Verscheidene opnames van zijn werken zijn intussen verschenen op CD.
DE PAEPE Nicole
Nicole De Paepe werd op 11 juli 1958 in Antwerpen geboren. Aangespoord door de muzikale bezigheden van haar vader die als hobby piano speelde en haar grootmoeder die operazangeres was, ging zij op 8-jarige leeftijd naar de muziekacademie in Borgerhout waar ze piano, cello, harmonie en kamermuziek volgde. Voor piano behaalde ze in 1974 een onderscheiding op de Guntherwedstrijd in Brussel en in 1977 kreeg ze in Borgerhout een
regeringsmedaille toegekend. Reeds op 14-jarige leeftijd deed ze ingangsexamen aan het Koninklijk Vlaams Muziekconservatorium van Antwerpen waar ze notenleer, harmonie, praktische harmonie, contrapunt, muziekanalyse, muziekgeschiedenis en kunstgeschiedenis volgde. Ze specialiseerde zich in piano en kamermuziek.
Gepassioneerd door muziek en geleid door haar gevoel begon ze op jonge leeftijd reeds te componeren. Dat blijft haar tot op heden inspireren.
Twee jaar was ze werkzaam als balletbegeleidster. Op 21-jarige leeftijd werd ze
docent praktische harmonie aan het Koninklijk Vlaams Muziekconservatorium in
Antwerpen en dat deed ze 14 jaar lang. Ze stopte ermee om meer tijd te maken voor de opvoeding van haar drie kinderen en om haar carrière als freelance pianiste en componiste uit te bouwen.
Als pianiste begeleidt ze, dit tot op heden, verschillende koren waaronder
het Philharmonisch koor van Antwerpen (Philko), het Koninklijk gemengd koor Alma Musica en het Don Boscokoor Hoboken. Regelmatig wordt ze als begeleidster ook gevraagd bij koren zoals het vrouwenkoor Sanseveria in Duffel, het Familiakoor van Edegem, vroeger ook onze Schola Gregoriana, Camerata Vocale en Cantabile uit Hove e.a. Ze begeleidde ook solisten tijdens verschillende concerten en wedstrijden in binnen- en buitenland.
Nicole speelt ook orgel en je kan ze evengoed Bachinterpretaties als eigen werk horen spelen. Ook in verschillende kerken te Antwerpen was en is ze te beluisteren zoals Sint-Jacob, Carolus Borromeus, Kristus Koning, Pius X Wilrijk, Heilige Familie en Sint-Jozef Hoboken …
Vanaf 2002 tot op heden nam Nicole De Paepe ook deel aan verschillende (kunst)projecten. Zoals de Nacht van de musea, de Zomer Van Antwerpen, de tentoonstelling van Channel, de Gulden ontsporing 11 juli 2002 in Brussel, de Galerie Utrecht in Nederland. Ze verleende haar medewerking ook aan culturele centra en verschillende privéconcerten.
Haar muziek werd verschillende malen geprogrammeerd door vele radiozenders
waaronder ook Funiculi Funicula van Marc Brillouet. Radio 2 presentatrice Els Broekmans interviewde haar ook meermaals. Nicole is ook actief bezig met verschillende concerten en begeleidingen waaronder ook voor de Duitse en Nederlandse televisie.
Ze componeerde muziek bij Antwerpse legenden en verhalen zoals Brabo en
Antigoon, Lange Wapper en Nello en Patrasche. In dat laatste vertelrecital brengt ze het verhaal van Een hond van Vlaanderen muzikaal tot leven. In het vertelrecital werkt Nicole soms samen met Milly Jennes, de drijvende kracht achter figurentheater Mirantibus, ze beeldt het verhaal uit met haar prachtige poppen.
Eerder nam Nicole de cd Bagatelle op i.s.m. violist Marcel Andriesii.
Samen met hoornist Ernest Maes en celliste Viviane Abdelmalek werkt ze aan nieuwe concerten en werden er ondertussen opnames gemaakt met nieuwe cd’s met haar composities.
DE SMET Raoul
Raoul De Smet werd geboren op 27 oktober 1936 in Borgerhout.
Hij studeerde Romaanse filologie en muziekgeschiedenis aan de Katholieke Universiteit te Leuven. Hierna volgde hij een specialisatiejaar als beursstudent in Madrid en Salamanca. Vier jaar was hij werkzaam in Tunesië als lesgever; hij doceerde tot 1996 Spaans aan de Katholieke Vlaamse Hogeschool te Antwerpen.
Zijn muzikale basisopleiding (solfège, harmonie, piano) genoot hij aan de
Muziekacademie van Deurne. Afgezien van deze opleiding was hij als musicus autodidact, tot hij vanaf 1966 compositie ging studeren bij Lucien Goethals en Louis De Meester aan het IPEM te Gent, bij August Verbesselt te Antwerpen en bij Ton de Leeuw te Amsterdam.
Door zelfstudie van theoretische werken (Schönberg, Krenek, Koechlin, Messiaen, e.a.) en van partituren, en door het beluisteren van allerlei genres heeft hij een persoonlijke taal ontwikkeld.
In 1972 nam De Smet deel aan de Ferienkurse für Neue Musik te Darmstadt, waar twee van zijn werken werden uitgevoerd. Hij woonde tevens de Gaudeamus-dagen bij in Bilthoven.
In 1976 nam hij deel aan het American Seminar te Salzburg over Contemporary American Music.
In 1977 vertegenwoordigde hij het IPEM op het Colloquium Musica/Sintesi in het
kader van de Biënnale van Venetië.
Van 1974 tot 1994 organiseerde Raoul De Smet te Antwerpen de Orphische Avonden, concerten voor eigentijdse (vooral Vlaamse) kamermuziek te Antwerpen.
Tussen 1980 en 1984 was hij lid van de Raad van Bestuur van het Centrum voor Muziek te Leuven.
Tussen 1983 en 1993 programmeerde De Smet concerten van eigentijdse kamermuziek in de Foyer van de Stadsschouwburg (Antwerpen).
In 1976, 1985 en 1990 organiseerde hij Elektronische Muziekdagen in het ICC en deSingel.
In 1981 startte hij de E.M.-reeks, een uitgave in facsimile van kamermuziek van Vlaamse componisten.
In 1987 stichtte hij de OrpheusPrijs, een Tweejaarlijks Internationaal Concours voor de interpretatie van eigentijdse kamermuziek.
Sinds 1999 organiseert hij het “Belgian Chocolates” festival.
DEFOURNY Michel
![]() |
Michel Defourny, geboren in 1957, is ingenieur en autodidactisch componist. Hij behaalde een graad in elektromechanische engineering en een doctoraat in toegepaste wetenschappen aan de Universiteit van Luik. Naast zijn studie en later zijn carrière voelde hij zich echter altijd aangetrokken tot klassieke muziek, waarmee zijn ouders hem van jongs af aan in aanraking brachten. Zoals hij zelf graag zegt, leerde hij componeren zoals een kind leert spreken: door te luisteren en te experimenteren. Als autodidactisch componist schreef hij zijn eerste composities tijdens zijn tienerjaren en terwijl hij klassieke gitaar studeerde aan de Grétry Academie in Luik. Deze korte gitaarstukken zijn improvisaties die door herhaaldelijk spelen vorm hebben gekregen. Enkele jaren geleden bundelde hij zijn beste stukken in twee collecties:
die verkrijgbaar zijn op de online bladmuzieksite FreeScore. Rond zijn twintigste nam hij de leiding over een koor, dat hij zeventien jaar lang dirigeerde. Gedurende die tijd harmoniseerde en componeerde hij talloze stukken voor vier stemmen. Vervolgens wijdde hij zich aan de muziekcompositie in het algemeen, waarbij hij verschillende instrumenten en ensembles verkende. Hij had het geluk Danielle Baas te ontmoeten, die hem regelmatig liet optreden tijdens de concerten die ze organiseerde. Hierdoor leerde hij veel componisten en musici kennen, waardoor hij zijn schrijfstijl verder kon ontwikkelen. Hij schreef met name verschillende hexatonische werken. |
DELEUZE Jean-Pierre
Jean-Pierre Deleuze, geboren in Ath in 1954, studeerde muziek aan het Koninklijk Conservatorium van Brussel. In 1980, na een eerste prijs in harmonie te hebben gewonnen in de klas van Jean-Marie Simonis, wijdde hij zich aan de compositie, die hij vijf jaar lang bij Marcel Quinet studeerde.
Hij voltooide ook zijn studie aan het Koninklijk Conservatorium van Brussel, waar hij een eerste prijs in fuga won in de klas van Jacques Leduc. Zijn deelname aan een workshop muziekanalyse in 1987 onder leiding van Olivier Messiaen had een grote invloed op zijn esthetische richting.
Zijn muzikale taal werd aanvankelijk beïnvloed door de late werken van Alexander Scriabin, wat hem ertoe bracht een "harmonisch gekleurde" muziek te zoeken.
In "Lethamorphos XXI" (gebaseerd op een gedicht van Jacques Crickillon, 1996) vormt het gebruik van kwarttonen een eerste verkenning van microtonale compositie. In “Ellipsen” (trio voor klarinet, viool en piano, 1998, een werk waarvoor de Koninklijke Academie van België hem de Irène Fuerison-prijs toekende) is het gebruik van ongetemperde klanken meer specifiek onderdeel van de ontwikkeling van een modus die voortkomt uit de afstemming van harmonische klanken. Over het algemeen evolueert zijn compositiestijl in zijn latere werken naar een contemplatieve verbeelding, met name in “Espaces Oniriques” [Christophe Pirenne in “Les musiques nouvelles en Wallonie et à Bruxelles”, red. Mardaga]. De invloed van de spectrale esthetiek van Giacinto Scelsi en Tristan Murail en van oosterse concepten wordt steeds duidelijker; dit is vooral evident in “Four Haiku, Poetic Evocations for Organ” (première in Sapporo in 2004) en “Âlap” (2005), voor bansuri, arpeggio en gitaar.
Hij is sinds 1989 hoogleraar compositie en sinds 2002 hoogleraar gevorderde compositie aan het Koninklijk Conservatorium van Mons. Hij heeft een originele pedagogie ontwikkeld, gebaseerd op de rationele studie van de syntaxis, technieken en stijlen van grote componisten, van renaissance- en barokvormen tot de technieken van diverse 20e-eeuwse componisten. Gedurende het academisch jaar 2001-2004 doceerde hij tevens muziekanalyse aan de Koningin Elisabeth Muziekkapel. In januari 2007 werd hij verkozen tot lid van de Koninklijke Academie van België.
DÉOM Michel
- Email adres : michel.deom@micheldeom.be
DHEUR Patrick
![]() | Patrick Dheur is een van de beroemdste Belgische pianisten ter wereld. Hij ontwikkelt voortdurend zijn creativiteit in alle mogelijke aspecten van het muziekgebeuren. Zijn loopbaan als concertpianist begon reeds bij het afsluiten van zijn studie aan het Koninklijk Conservatorium van Luik, zijn geboortestad. Hij heeft talloze internationale wedstrijden en prijzen gewonnen, waaronder de eerste prijs in de Szymanowski-wedstrijd. De Verenigde Staten nemen bij deze activiteiten reeds zeer vroeg een prominente plaats in. Hij werd geselecteerd door Leon Fleisher aan het Peabody Conservatory in Baltimore, verbleef er meerdere malen en gaf in de States vele concerten, waaronder een opmerkelijk debuutrecital in het Lincoln Center in New York. Als bekend internationaal solist werkte hij samen met vele orkesten waaronder: het Scottish Chamber Orchestra, de Moscow Soloists met Yuri Bashmet, het Nationaal Orkest van België, de Filharmonische Orkesten van Luik, Grenoble, Hong Kong, Jeruzalem, Caracas, Springfield Symphony, Norfolk Symphony, Orchestra G. Enescu (Boekarest), Wiener Sinfonietta, Camerata van Lausanne met Pierre Amoyal, het Koninklijk Kamerorkest van Wallonië, enz. enz. Tegelijkertijd groeit zijn discografie en bevat zijn catalogus meer dan twintig cd's. Patrick Dheur staat bekend om zijn inzet voor de Luikse muziekcultuur. De complete pianomuziek van César Franck (3 cd's) is een goed voorbeeld. We kunnen ook zijn roeping vermelden om de meesterwerken van Luikse componisten voor het voetlicht te brengen. Door de Franse Gemeenschap van België (Fédération Wallonie-Bruxelles) werd hij aangesteld als projectmanager voor de herdenking van de tweehonderdste verjaardag van de dood van de componist André Modeste Grétry, en ontdekte hij het ongepubliceerde Hij is nu bezig met de bewerking ervan en met de voorbereidingen van een eerste Patrick Dheur is ook een getalenteerde, veelvuldig uitgegeven componist en auteur. Zijn productie als componist omvat dertig opusnummers: (symfonisch oeuvre, werken voor piano, kamermuziek, concerto's, cantates, kunstliederen, …). Patrick Dheur's literaire werk "Music at your fingertips", uitgegeven door Luc Pire, is onlangs vertaald in het Chinees, ter ondersteuning van zijn Aziatische tours. |
DONNERS Jorge
- Email adres : g.donners@gmail.com
DOUTRELEPONT Renier
Renier Doutrelepont werd geboren op 26 november 1939 in Malmedy.
Zijn vroege muzikale opleiding begon bij Octave Micha (Stavelot) voor solfège en piano. Later studeerde hij harmonie bij Francis de Bourguignon. Na het overlijden van de Bourguignon nam Jean Absil hem onder zijn hoede als leerling in harmonie, contrapunt en compositie.
Hij trad in 1966 toe tot het RTBF. Hij schreef de muziek voor documentaires: "To Illustrate Magritte" (Christian Bussy), "The Memory of Stones" (Françoise Lempereur), en later voor speelfilms: "Murders at Home" (Marc Lobet), "The Metamorphoses of Rachel" (Robert Lombaerts), enz.
Hij componeert nog steeds (in atonale stijl): twee concerten voor piano en viool, kamermuziek voor diverse ensembles (onder begeleiding van Georges Octors) en liederen op gedichten van Marcel Mariën, Louis Scutenaire, Charles Vanlerberghe, Andrée Sodenkamp en Jean-Claude Lalanne Cassou.
Hij heeft zes cd's met zijn werk opgenomen.
Hij woont momenteel in Brussel, is bestuurslid van de Unie van Belgische Componisten (UCB) en neemt dankzij Danielle Baas regelmatig deel aan het Osmose Festival.
F
FONTYN Jacqueline
Jacqueline Fontyn werd geboren in Antwerpen op 27 december 1930.
Haar ouders herkenden haar vroege muzikale talent en vertrouwden haar, kort na haar vijfde verjaardag, toe aan de Russische pedagoog Ignace Bolotine. Hij gaf haar dagelijks pianoles, moedigde haar liefde voor improvisatie aan en ze bewaarde er prachtige herinneringen aan.
Op veertienjarige leeftijd besloot ze componiste te worden. Na muziektheorie te hebben gestudeerd bij Marcel Quinet, vertrok ze naar Parijs, waar Max Deutsch haar introduceerde in de wereld van Schönberg en haar inwijdde in de twaalftoonstechniek, een taal die ze tot 1979 zou gebruiken – maar altijd op een flexibele en zeer vrije manier.
In 1956 volgde ze ook de dirigeerlessen van Hans Swarowsky aan de Academie voor Muziek en Podiumkunsten in Wenen.
Vanaf 1963 doceerde ze muziektheorie aan het Koninklijk Conservatorium van Antwerpen. In 1970 werd ze benoemd tot hoogleraar compositie aan het Koninklijk Conservatorium van Brussel, een positie die ze tot 1990 bekleedde. Daarnaast accepteerde ze talloze uitnodigingen van universiteiten en conservatoria, met name in Europa (Duitsland, Frankrijk, Hongarije, Nederland, Polen, Zwitserland), de Verenigde Staten (van New York tot San Francisco), het Midden-Oosten, Azië (China, Korea, Singapore, Taiwan) en Nieuw-Zeeland. Haar oeuvre omvat meer dan 100 werken: orkest-, vocale, instrumentale en kamermuziek, die wereldwijd worden uitgevoerd en op het programma staan van prestigieuze orkesten en festivals.
Tot de vele onderscheidingen die haar ten deel vielen, behoren de Oscar Espla-prijs in Spanje en de Arthur Honegger-prijs van de Fondation de France, de opdracht voor het vioolconcert dat vereist was voor de finale van de Internationale Koningin Elisabethwedstrijd in 1976, en twee opdrachten van de Koussevitzky Foundation van de Library of Congress in Washington.
Jacqueline Fontyn, lid van de Koninklijke Academie van Wetenschappen, Letteren en Schone Kunsten van België, ontving in 1993 de titel barones van de koning als erkenning voor haar artistieke verdiensten.
Een voorliefde voor rijke harmonische texturen, een soepel ritme en een voortdurend vernieuwende interesse in het verkennen van instrumentale mogelijkheden vormen samen een steeds evoluerende muzikale taal, waarvan de expressieve en poëtische dimensies de gevoeligheid en nieuwsgierigheid van de luisteraar aanspreken.
G
GHADIMI Vincent
Vincent Ghadimi werd geboren in Rocourt op 14 september 1968. Pas in 1986 begon hij zijn muziekstudie aan de Schaerbeekse Academie, waar hij piano studeerde bij Leonardo Anglani. Aan het Koninklijk Conservatorium van Brussel behaalde hij eerste prijzen voor piano (Vanden Eynden) en kamermuziek, evenals een hoger diploma in gevorderde solfège. Aan het Conservatorium van Rotterdam, in de klas van Aquiles Delle-Vigne, behaalde hij een masterdiploma in piano en kamermuziek en specialiseerde hij zich tevens in vierhandig en twee-pianospel bij Nelson Delle-Vigne Fabri. Vervolgens studeerde hij drie jaar bij hem aan de Alfred Cortot School of Music in Parijs en volgde hij masterclasses bij Lazar Berman, Zoltan Kocsis, Andrei Nikolsky en anderen.
Vincent Ghadimi is tevens winnaar van twee eerste prijzen op internationale pianoconcoursen (1993: Rotterdam "Doelen", 1995: Spanje "Ibiza International Piano Competition"). Zijn pianorecitals in Frankrijk, Oostenrijk, Nederland, België en Spanje hebben hem veel lof opgeleverd in de muziekpers.
In 2005 richtte hij samen met harpiste Cécile Marichal Ensemble Polyface op, dat regelmatig concerten geeft. Naast zijn pianocarrière componeerde hij diverse werken, waaronder "Nutations" voor klarinet en piano (uitgegeven door Alain Van Kerckhoven en opgenomen door René Gailly), "Jongleurs de Têtes" voor solo piano, geschreven voor de Orléans Competition in 2002 en bekroond met een eervolle vermelding in de tweede versie tijdens de TIM Competition in 2006, 10 kinderliedjes (in het Nederlands) met zang en pianobegeleiding (uitgegeven door Lantro Music, www.lantromusic.be), "Mémoires d'enfance" en diverse preludes voor piano, eveneens uitgegeven door Lantro Music.
In 2005 werkte hij mee als componist, koorleider en dirigent aan de kinderopera "Décamero lala" (uitgevoerd in het Palais des Beaux-Arts in Brussel).
Hij geeft ook les in piano en muziektheorie en is begeleider aan de Nederlandstalige Academie van Brussel.
H
HUS Walter
Walter Hus (°1959) is naast componist ook uitvoerend pianist en improvisator. Vanaf hij tien jaar is, treedt hij op als concertpianist in binnen- en buitenland en vanaf 1979 als pianist-improvisator.
Hus speelde bij de free jazz-formatie Het Belgisch Pianokwartet en was verbonden aan Maximalist!, een muzikale groepering, opgericht in 1984, die het midden hield tussen pop, rock, klassiek en avant-garde. De muzikant-componisten die zich in deze beweging verenigden (o.a. Vermeersch, Sleichim, De Mey en Hus), hadden elkaar een jaar voordien ontmoet in het kader van de eerste choreografie van Anne Teresa De Keersmaeker (Rosas danst Rosas). Hun imago werd sterk bepaald door invloeden uit de populaire cultuur. Verder was de interdisciplinariteit kenmerkend voor het collectief: een opvallend groot percentage van de muziek die Maximalist! schreef, is conceptueel verbonden met andere kunsten zoals dans, theater en film.
De muziek van Maximalist! lijkt zich voornamelijk te situeren in het kader van de New Simplicity, gegroeid uit de minimal music. Een hoge graad aan repetitiviteit, een microscopisch gevarieerde ritmiek en dynamiek, de eenvoudige manipulatie en transformatie van motieven, een beperkte harmonische organisatie en zeer gelimiteerd uitgangsmateriaal zijn hiervan de belangrijkste kenmerken. Dit resulteerde meestal in muziek met een hoge consonantiegraad en directe toegankelijkheid.
Wanneer Maximalist! in 1989 werd ontbonden, richtte Hus zich meer op klassieke genres en schrijft vanaf dan opera’s, concerti, symfonische werken en strijkkwartetten, die onder meer door het Arditti Quartet werden uitgevoerd. Toch blijft het functionele en disciplineoverschrijdende aspect, dat Hus bij Maximalist! ontwikkeld had, bepalend voor zijn oeuvre, ook na Maximalist!. Naast muziek voor modeshows (bv. Five to Five voor Yamamoto (1984)), choreografieën (bv. Muurwerk (1985) en Hic et Nunc (1991) voor Roxane Huilmand, en Devouring Muses (1997) voor Irène Stamou) en films (The Pillow Book van Greenaway en Suite 16 van Deruddere), zijn verscheidene van zijn composities tot stand gekomen in samenwerking met hedendaagse dichters of toneelschrijvers, zoals Stefan Hertmans (Francesco’s paradox), Peter Verhelst (One day they appeared), Jan Decorte (Meneer, de zot en tkint) en Jan Lauwers van Needcompany (Orfeo).
In 1996 was Walter Hus werkzaam bij Limelight in Kortrijk, waar op dat moment het festival en cd-label Happy New Ears werd opgericht. Vanaf 2000 ontwikkelde Hus zijn eigen “Decap Orchestrion,” een installatie met geautomatiseerde orgelpijpen en percussie-instrumenten die via de computer aangestuurd kunnen worden. Met dit instrument maakte hij soundscapes, filmmuziek (bv. N van Peter Krüger), rockliedjes en bewerkingen van techno-hits. Jazzgitarist Pat Metheny gebruikte Hus’ “Decap Orchestrion” voor zijn “Orchestration Project.” Al wilde Hus zich vanaf 2015 voornamelijk concentreren op serieus compositiewerk, ontstond in 2016 toch nog de jazz pop-groep Hus & The Next Generation. (Matrix)
M
MATTHYS Marc
Pianist-componist Marc Matthys (°1956,Gent) werd al zeer jong aangetrokken door de muziek. Reeds in 1964 behaalde hij te Parijs een Europese titel tijdens de internationale wedstrijd voor accordeon van de CEA. Na een klassieke opleiding aan het Koninklijk Muziekconservatorium van zijn geboortestad Gent, bekroond met het Hoger Diploma Piano en Kamermuziek, naast Eerste Prijzen Contrapunt en Fuga, profileert hij zich als een uiterst veelzijdig musicus in uiteenlopende muziekgenres zoals Klassiek, Jazz en Pop.
Zo werkte hij samen met figuren als Frédéric Devreese, Dirk Brossé, Rudolf
Werthen,Walter Boeykens, Neeme Järvi, Aga Winska, Henry Raudales, Roby Lakatos, Toots Thielemans, Eddie Daniels, Ali Ryerson, Paquito d’Rivera, Jo Lemaire, Leen Persijn en Shirley Bassey.
Tot op heden realiseerde hij een 30-tal Cd’s en 2 DVD’s voor diverse labels,
veelal ook met eigen composities.
Hij was van 1986 tot 2016 directeur van het Conservatorium van de stad Kortrijk en sinds 1978 docent aan de Hogeschool Gent, departement Koninklijk Conservatorium, waar hij de Jazzafdeling oprichtte. Hij bekwam verschillende onderscheidingen waaronder de Grand Prix Humanitaire de France, werd laureaat van wedstrijden zoals Tenuto ‘79 (VRT), Joseph Van Roy-pianowedstrijd (Gent), Klara compositiewedstrijd, Europ’ Jazz Contest en het Jazzconcours te Dunkerque en concerteerde in Europa, de USA, Rusland en China.
Zijn kwartet met o.a. fluitist Dirk De Caluwé trad op in het Koninklijk Paleis ter gelegenheid van het zilveren huwelijksjubileum van Koning Boudewijn en Koningin Fabiola en als solistcomponist was hij te gast tijdens de Wereldtentoonstelling in Shangai en de NFA Convention in Las Vegas.
Van zijn composities verschenen opnames met het VRO, Het Koninklijk Filharmonisch Orkest van Vlaanderen, Het Nationaal Orkest van België, I Fiamminghi, L’Arco Musicale, Ensemble Walter Boeykens, Big Band Sound,Toots Thielemans, Jo Lemaire, celliste Viviane Spanoghe, pianist André De Groote, fluitist Peter Verhoyen, Arco Baleno, Kugoni trio en Convivium Musicum.
Marc Matthys was gastdocent aan de Bowling Green State University (Ohio), bestuurder bij Sabam (1995-1999), stichtend bestuurder en voorzitter van ComaV (de Vlaamse componistenvereniging), bestuurder bij UBC (Unie van Belgische Componisten) en maakt sinds 1982 deel uit van internationale Jury’s zoals Europ’ Jazz Contest, The International Clarinet Competition en het Concours Adolphe Sax.
Marc Matthys is Ridder in de Leopoldsorde en Officier in de Kroonorde.
S
SIMONIS Jean-Marie
Jean-Marie Simonis werd geboren op 22 november 1931.
Na zijn klassieke studies in Grieks en Latijn te hebben afgerond, ging hij naar het Koninklijk Conservatorium in Brussel, waar hij talloze eerste prijzen won, voornamelijk voor compositie (harmonie, contrapunt, fuga), evenals de Gevaertprijs.
Hij ontving de Prix de Rome en diverse compositieprijzen, waaronder de SABAM-prijs in 1989 voor zijn gehele oeuvre. In 1975 en 1978 won hij de Koningin Elisabethwedstrijd (het verplichte stuk voor de tweede ronde) met zijn pianowerken "Evocations" en "Notturno".
Zijn "Cantilène" voor viool en orkest werd in 1985 gekozen als verplicht stuk voor de finale van de Koningin Elisabethwedstrijd.
Zijn werk "Eclosions" won de eerste prijs tijdens de wedstrijd die in 1991 werd georganiseerd door de Belgische Gidsenband ter ere van de 60e verjaardag van Koning Boudewijn en het 40-jarig jubileum van zijn regering.
Hij is ereprofessor aan het Koninklijk Conservatorium van Brussel (harmonie) en
aan de Koningin Elisabeth Muziekkapel (harmonie, contrapunt en fuga).
Sinds 1985 is hij lid van de Koninklijke Academie van Wetenschappen, Letteren en Schone Kunsten van België. In 1997 was hij directeur van de sectie Schone Kunsten.
SLUYS Johan
Johan Sluys behaalde een Licentie in de klassieke filologie aan de KULeuven, een
Eerste Prijs piano en kamermuziek en een meestergraad in de schriftuur aan het
KMCBrussel en een master in compositie aan het CRMons (Cl. Ledoux).
Met zijn werken won hij de prijs voor compositie van de Provincie Vlaams-Brabant
(2002) en de driejaarlijkse wedstrijd voor compositie “Jef Van Hoof” (2016).
In memoriam SNYERS Félix
![]() |
|
V
VAN HOVE Luc
Luc Van Hove (°1957) kreeg zijn muzikale opleiding aan het Koninklijk Vlaams
Muziekconservatorium van Antwerpen. Hij studeerde er onder andere compositie bij Willem Kersters, analyse bij August Verbesselt, piano bij Lode Backx en
muziekgeschiedenis bij Kamiel Cooremans. Later volgde hij ook vervolmakingscursussen orkestdirectie in het Mozarteum in Salzburg en compositie en choreografie aan de universiteit van Surrey in Guildford.
Op de palmares van Luc Van Hove prijken verschillende compositieprijzen, waaronder de prijs Annie Rutzky, de prijs Belgische Artistieke Promotie van Sabam, de prijs Albert de Vleeshouwer en de Sabamprijs Ernstige Muziek 1993.
Luc Van Hove is gewezen buitengewoon leraar aan de muziekkapel Koningin
Elisabeth en doceert momenteel compositie aan het conservatorium van Antwerpen en compositie en analyse aan het Lemmensinstituut in Leuven. Ook is hij promotor en artistiek adviseur aan het Orpheusinstituut en is hij lid van de Koninklijke Vlaamse Academie van België voor Wetenschappen en Kunsten.
Voor tal van vooraanstaande organisatoren en uitvoerders heeft Luc Van Hove opdrachten verzorgd. Zo componeerde hij voor het Koninklijk Filharmonisch Orkest van Vlaanderen, het Vlaams Radio Orkest, de Filharmonische Vereniging van Brussel, het Internationaal Kunstcentrum deSingel, Antwerpen '93 Culturele Hoofdstad van Europa, I Fiamminghi, de Beethoven Academie en Roel Dieltiens en zijn ensemble Explorations. Daarnaast was hij componist in residentie van het Festival van Vlaanderen Internationaal , werd hij aangesteld tot gastcomponist van de Week van de Hedendaagse Muziek in Gent en was hij centrale componist tijdens het festival I Fiamminghi in Campo 1997.
Het oeuvre van Luc Van Hove omvat onder andere de titels 'Carnaval op het strand' voor orkest opus 17, Symfonie 1 opus 25, 'Stacked time' voor elektrische gitaar en orkest opus 26, Triptiek voor hobo en orkest opus 29, Strijkkwartet
opus 30, Pianoconcerto opus 32, 'Strings' opus 33, Symfonie 2 opus 34, 'Kammerkonzert' voor cello en ensemble opus 36, Symfonie 3 opus 39 en 'Four sacred songs for mixed choir' opus 42.
Niet enkel in België echter, maar ook in het buitenland geniet Luc Van Hove grote
faam. Zo werd van hem werk gespeeld op het Midem Festival in Cannes, tijdens de
promenadeconcerten in de Doelen in Rotterdam en op het festival November Music.
Bovendien vertolken befaamde buitenlandse ensembles en musici regelmatig werk van Luc Van Hove: het Rotterdams Philharmonisch Orkest, het Brodsky Quartet, het Arditti Quartet, het Xenakis Ensemble en cellist Pieter Wispelwey
VERSTRAETEN Bart
Bart Verstraeten is pianist, componist en leerkracht. Hij volgde piano, cello, orgel en muziektheorie aan de academie van zijn geboortestad en behaalde vervolgens
meesterdiploma’s muziektheorie en compositie aan het Koninklijk Vlaams
Muziekconservatorium Antwerpen bij onder anderen Luc Van Hove en Wim Henderickx.
Aan het Conservatorium van Gent studeerde hij piano bij Johan Duijck, met masterclasses bij Jonathan Powell, Eliane Rodrigues en Irene Russo.
Tegenwoordig geeft hij piano en compositie aan de academie van Wilrijk en treedt hij op als pianist, zowel solerend als in samenwerking met bariton Tristan Faes.
Als componist kreeg hij al vroeg erkenning met werken als het pianotrio Alla Zingarese en het Trio voor fluit, altviool en gitaar, beide bekroond in 2005. Zijn muziek is lyrisch en ritmisch gedreven, geïnspireerd door laatnegentiende-eeuwse stijlen maar met een hedendaagse blik en een drang naar vernieuwing.
Verstraeten ziet zichzelf als bruggenbouwer tussen traditie en moderniteit. Zijn werkenlijst omvat naast pianowerken – waaronder de bundel All’Ungherese – ook koorcomposities en kamermuziek, met een internationale reputatie voor zijn mandolinecyclus (Persephone, Demeter, Hades, Le vieux moulin).
Bijzonder vruchtbaar was zijn samenwerking met dirigent Peter Ickx, voor wie hij
verschillende koorwerken componeerde. Hij schreef ook liedcycli op teksten van Pablo Neruda, Rutger Kopland, Emile Verhaeren en Charles Baudelaire.
W
WÉRY Sarah
Sarah Wéry begon muziek te benaderen via de cello en improvisatie. Op 18-jarige leeftijd ging ze naar Duitsland om de componist Hubert Bergmann een paar maanden te volgen, en nam toen de beslissing om zich volledig aan de muziek te wijden.
Daarna studeerde ze in Luik, in de compositieklas van Michel Fourgon, waar ze haar eigen muzikale taal begon te ontwikkelen door middel van deze vragen: hoe de meest heterogene elementen mogelijk samen te brengen of hoe te exploderen met behoud van vloeibaarheid en de luisteraar rechtstreeks aan te spreken. Daarna begint ze de dodecafonische reeks te gebruiken als macro- en microstructuur.
WESTERLINCK Wilfried
![]() |
Wilfried Westerlinck werd geboren te Leuven op 3 oktober 1945. Aan het conservatorium van Brussel studeerde hij hobo en harmonie bij respectievelijk Louis van Deyck en Victor Legley. Dit werd aangevuld met opleidingen orkestdirectie (Daniël Sternefeld), muziekanalyse en vormleer (August Verbesselt) aan het Koninklijk Vlaams Muziekconservatorium in Antwerpen. Van 1970 tot 1983 bleef hij aan deze instelling verbonden als docent muziekanalyse. In Monte Carlo volgde Westerlinck nog een cursus Sedert 1968 lag zijn hoofdbezigheid echter bij de VRT, waar hij tot begin 2001 verantwoordelijk was voor de productie en uitzending van kamer- en orkestmuziek. In de jaren '90 stond hij mede aan de basis van media-evenementen als De Nacht van Radio 3 en Radio 3 in de Stad. Daarnaast is hij bestuurlijk actief binnen diverse organisaties van de Belgische klassieke muziekwereld. Sommige van zijn composities vielen in de prijzen: Metamorfose (Tenutoprijs, 1972), Landschappen I (prijs van de provincie Antwerpen, 1977). In 1985 ontving Westerlinck de Jef Van Hoof-prijs voor een liedcyclus op teksten van Bertus Aafjes en de Eugène Baie-prijs voor zijn volledige oeuvre. In 2004 was hij gastleraar compositie aan de muziekacademie van Gdansk. |






